Capoeira angola is de originele vorm van capoeira. Deze vorm van capoeira heeft dan ook nog de grootste binding met traditionele rituelen en gewoontes. Het spel zelf verloopt traag en laag bij de grond. Salto’s worden in deze vorm dus niet gebruikt. Voor de toeschouwer lijkt deze vorm van capoeira de gemakkelijkste omdat alles zo traag gaat. Dit is echter een onderschatting. In werkelijkheid beschikken Angoleiros (beoefenaars van Capoeira Angola) over een indrukwekkende spierkracht en uithoudingsvermogen. Ze zijn in staat om hun lichaam – gecontroleerd – in allerlei bochten te wringen en te houden. Zo slagen zij er in om een radslag bijzonder traag uit te voeren, iets wat niet lukt zonder lange training. Capoeira angola is dus bedrieglijk gemakkelijk.
Een spel bij capoeira angola duurt gewoonlijk ook langer. Om even op adem te komen gebruiken de Angoleiros dan de chamada. Dit is een traditionele danspas waarbij de ene capoeirista plots stil gaat staan en waarbij de andere dan dichterbij sluipt. Wanneer de tweede capoeirista er (bijna) zeker van is dat het niet om een afleiding gaat, voeren de twee een korte dans uit waarna het ‘gevecht’ weer verder gaat. Bij angola wordt roda ook gevormd door mensen die neerzitten in een cirkel, er wordt evenwel niet in handen geklapd in tegenstelling tot regional.
De meest bekende Angoleiro:
Voorbeeld van Capoeira Angola